Twee vierogen

Informatie
Geschreven door Petra-1
Geplaatst op 15 maart 2019
Hoofdcategorie Korte verhalen
Aantal reacties: 1
1142 woorden | Leestijd 6 minuten

Vier ogen achter evenveel glazen. De hare willen niet gezien worden, zijn verstopt achter een groot, hardroze montuur dat vooral de aandacht van de ogen zelf wil afleiden. Schuchtere ogen, een beetje verlegen terugstarend maar ook weer niet té. Ze is zo klein, één meter vijftig maximaal en ik mag een boon worden als ze meer dan vijfenveertig kilo weegt. Haar blonde rattenkopje geeft haar iets jongensachtigs, te meer daar ze zich gekleed heeft in een veel te grote broek en een slobbertrui. Wat mij betreft zonde en ik snap het ook niet. Haar gezicht is prachtig symmetrisch, haar ogen staalblauw en haar huid gaaf. Ze is mooi, zou prima haar brood als model kunnen verdienen en toch zit ze hier tegenover mij aan de aan de andere kant van de leestafel in deze kroeg en drinkt thee, verstopt achter haar grote bril.

Qua kleding ben ik niet veel beter. Mijn vuile nylon motorpak is al niet flatterend maar de oude sweater die ik daaronder draag is nog erger. Ik kies kleding om zijn functionaliteit. Een motorpak moet wind- en waterdicht zijn, niet volgens de laatste mode. Mijn haar heb ik vanmorgen in een simpele vlecht gewikkeld en mijn valhelm heeft een halfslachtige poging gedaan het 'would be' oerwoud op mijn hoofd tot een soort hoogpolig tapijt te drukken, hetgeen om onduidelijke redenen alleen plaatselijk gelukt is. Het boeit mij niet. Als onderdeel van een flinke rit raakte ik in dit dorpje verzeild, had behoefte aan warmte maar vooral, op aandringen van mijn kont, een niet-trillend plekje om te zitten. Mijn bril is, in tegenstelling tot de hare, juist uiterst onopvallend. Dunne veren en een half montuurtje uit fragiel ogend titanium, maar ik heb een ander wapen om mannen af te stoten: acne heeft mijn gezicht doen gelijken op een gemiddeld maanlandschap al is de tint eerder oranje-roze dan grijs.

Mijn thee smaakt naar niets en dat geeft even weinig. Het is warm en nat. Na bijna vier uur op de motor kan ik wel een beetje vocht gebruiken en als extraatje loop ik haar tegen het lijf. Grappig is dat ze half en half blijft terug staren, mij opneemt alsof ik van een andere planeet kom. En al is een vrouw op de motor nog niet helemaal normaal, echt bijzonder is het toch ook weer niet meer. Ik plooi mijn lippen tot een kleine glimlach in een eerste poging haar op haar gemak te stellen en dat lijkt te helpen, al zegt ze verder niets en blijft me alleen aanstaren. Ik begin mij er toch een beetje ongemakkelijk bij te voelen en daarom open ik het gesprek.

‘Is er iets?’
‘Er zit iets op je wang.’
Ze brengt haar eigen wijsvinger naar haar linkerwang met de schijnbare bedoeling dat ik spiegel en als ik dat doe merk ik dat er wel meer dan “iets” op mijn wang zit. Stukjes hard geworden vogelpoep komen onder druk van mijn nagel los en mijn gewone oranje-roze teint wordt op slag een stukje roder. Dat was dus geen vlieg die onder mijn halfgesloten vizier door precies dat kleine stukje wang wist te raken, maar het resultaat van een precisiebombardement door een meeuw of ander stuk vliegend ongedierte.
‘Alles weg nu?’ vraag ik als het schoon lijkt te zijn.

‘Nou nee. Je kunt misschien beter even naar het toilet gaan.’
Ik zet mijn glas neer, sta op en loop naar het toilet waar het halfduister is en ik in de spiegel vaagjes moet constateren dat ze helaas gelijk heeft. Met water en papier breng ik mezelf weer op gevoel op orde. Op een of andere manier kan ik zowel met als zonder bril niet lekker focussen op deze afstand en mijn mooie nieuwe multifocale bril ligt dus lekker nutteloos thuis want ja, zonde om die op de motor te dragen.

Eenmaal terug aan tafel kijkt ze me aan en lacht. Pearl, pearl, pearl hoor ik haar zachtjes neuriën en ik leg haar uit dat ik het gewoon niet lekker kan zien. Onverwacht kordaat staat ze op en wenkt me mee. Het is krap op het toilet en we moeten ons elk tegen een muur drukken om haar de gelegenheid te geven mijn wang schoon te poetsen. Ondanks elkaars respect voor private space voel ik dat haar borsten tegen mij aandrukken en voor even lijkt zij die druk iets langer vol te houden dan noodzakelijk. Is dit een verborgen hint? In ieder geval poetst ze heel zorgvuldig, bijna liefdevol, mijn gezicht schoon en dan is het moment voorbij. Ze ruikt lekker. Geen overdreven hoeveelheden parfum, ik ruik zelfs helemaal geen parfum, maar meer een schoon fris lijf. De geur van een vrouw die net gedoucht heeft en die je vervolgens op bed overal mag kussen.

Doordat ze een krap koppie kleiner is zie ik haar halslijn heel goed en de slobbertrui geeft mij zicht op een meer dan onschuldig deel van haar eenvoudige behaatje. Ik moet mij zelfs bedwingen om niet gelijk een zacht kusje onder haar oorlel te geven en dan is het voorbij. Ze stapt achteruit de deur weer uit en we lopen terug naar de leestafel. De barman die ons met een dienblad vol gebruikt servies tegemoet loopt geeft mij een blik en tijdens het passeren hoor ik hem heel zachtjes zeggen dat ik lief voor zijn zus moet zijn. Ha, hij moest eens weten hoe lief ik ben, denk ik opstandig bij mezelf maar ik weet eigenlijk mijzelf niet goed een houding te geven en zij evenmin.

Een tweede kop thee smaakt zoals de eerste en uiteindelijk begint het weer te kriebelen. Ik reken af en bij vertrek wens ik haar nog een fijne dag. Ze antwoordt neutraal dat ze mij ook een goede dag toewenst. Nog eenmaal is er oogcontact, wat is ze leuk! Honderd zinnen schieten door mijn hoofd maar niet een komt er over mijn lippen. Het enige wat nog rest is verder rijden en haar uit mijn hoofd zetten. Ik kwam hier voor de leegte van Noord Groningen maar terwijl mijn motor zachtjes brommend schijnbaar onverstoorbaar zijn werk doet is mijn geest nog aan de leestafel. Hoeveel mogelijke relaties zullen er op die manier niet mislukt zijn voor er ook maar sprake was van een begin? Hoeveel mensen blijven, zoals ik, in alle veiligheid hopen op het moment dat het toeval ze een handje helpt, misschien wel tegen beter weten in?

Uiteindelijk rijd ik tegen het vallen van de avond de oprit voor ons huis op en leg de motor het zwijgen op. In de achtertuin vind ik mijn man op zijn ligstoel met een koptelefoon op en gesloten ogen. Zijn pretogen zijn even oprecht als de mijne en ik weet dat ik mezelf gelukkig mag prijzen gewoon te introvert te zijn om werkelijk te doen wat mijn lijf telkens weer aangeeft te willen.

 

Alle verhalen van: petra-1

Fijn verhaal 
+4

Reacties  

Het leven zit vol verleidingen; dat is waar dit verhaal over gaat. Lezen!