7996 woorden | Leestijd 40 minuten

East End, Londen, december 1969

Terwijl Chrisje zich met enkele andere kleintjes in de zandbak vermaakte, zat Ruby in gedachten verzonken op een krakkemikkige houten schommel in Victoria Park. Piekerend wiebelde ze een beetje heen en weer.

“Aha, hier ben je,” klonk plotseling een bekende stem achter haar.

“Zocht je me?”

“Nu niet meer,” lachte Kian.

Hij nam plaats op de schommel naast haar. Het plankje kraakte onder zijn gewicht.

Kians rode haren, die hij naar het voorbeeld van zijn idolen tot zijn schouders had laten groeien, waaiden in zijn gladgeschoren gezicht. Hij was geen magere slungel meer. Zijn schouders waren breder geworden en zijn lichaam gespierder, mede door het zware werk dat hij in diverse baantjes had verricht. Met zijn twintig jaar was hij nu volwassen. Niet de meest knappe man die een vrouw zich kon voorstellen maar zijn innemende lach en opvallende uiterlijk gaven hem een bijzondere uitstraling waar veel vrouwen op bleken te vallen. Aan potentiële liefdeskandidaten had Kian geen gebrek en hij maakte dankbaar gebruik van de aandacht van de andere sekse. Even maar, want de duur van zijn avontuurtjes varieerde van twee uur tot maximaal twee weken, afhankelijk van de seksuele bereidwilligheid en vaardigheden van het betreffende grietje. Een serieuze verliefdheid had zijn pad nog niet gekruist maar zelf maakte hij zich daar niet druk om. Hij wilde zich nog niet binden. Tijd genoeg. Muziek kwam op de eerste plaats. Voorlopig plukte hij slechts de bloempjes en zette ze daarna weer buiten.

“Wat is er met jou?” vroeg Kian met een blik op Ruby’s gezicht.

Soms zou ze willen dat hij haar niet zo goed kende. Hij doorzag haar altijd. Sinds haar moeder dood was had hun vriendschap zich verdiept. Een hartsvriendin had ze niet maar Kian was haar hartsvriend. Veel dingen hoefde ze hem niet eens uit te leggen. Die voelde hij gewoon aan.

“Jij eerst,” kaatste ze de bal terug.

Ruby was niet de enige die iets op haar hart had. Ze kon aan hem zien dat hij gespannen was. De onderlinge wisselwerking was wederzijds.

“Nee, eerst jij.”

“Mijn vader wil dat ik weer naar school ga.”

“Ai!”

Ze wierp hem een geërgerde blik toe. “Is dat alles wat je kunt zeggen?”

“Zo’n verrassing is dat toch niet? Je kent zijn opvattingen.”

Ruby tuurde stuurs voor zich uit. “Nou, hij schrijft het maar op zijn buik. Ik ben zestien. Ik wil werken, mijn eigen geld verdienen en over een paar jaar op eigen benen. Wat moet ik nu nog op zo’n stomme school?”

Kian knikte begrijpend. Hij was waarschijnlijk de enige die van haar fotografische geheugen op de hoogte was. Al heel jong had Ruby begrepen dat ze anders was dan haar leeftijdsgenootjes. Vergeten was iets wat ze niet of nauwelijks kende. Ze verbaasde zich erover dat andere kinderen, maar ook volwassenen soms moeite hadden iets te onthouden. Zij vergat zelden iets. Wat ze eenmaal had gehoord, gezien of gelezen kon ze meestal probleemloos terughalen uit haar geheugen. Maar omdat ze soms raar werd aangekeken als ze haar feitenkennis deelde was ze die vaardigheid gaan verbergen om niet als buitenbeetje of wijsneus te worden versleten.

Kian had een vermoeden gekregen tijdens hun gezamenlijke muzieksessies. Qua praktische aanleg was ze geen wonderkind op de piano of gitaar maar omdat ze de theorie buitengewoon snel beheerste, had ze de instrumenten toch vrij makkelijk leren bespelen. Toen hij erop ging letten vielen hem meer dingen op. Zo bleek ze een paar vreemde talen goed te kunnen volgen zonder ze ooit te hebben geleerd, ook het Gaelic, de oorspronkelijke Ierse taal die hij met zijn moeder en zusje sprak. Na lang aandringen had Ruby uiteindelijk toegegeven dat ze een bijzonder geheugen en een talenknobbel had, maar ze had hem wel plechtig laten beloven dat hij haar geheimpje aan niemand zou verklappen.

Dat Ruby niet naar school ging, en ook niet meer naar school wilde, vond Kian daarom des te schrijnender. Ze had talenten die haar wellicht een glansrijke carrière konden bieden, maar met de status 'ongeschoold' zou dat verdraaid moeilijk worden.

“Dus het is weer hommeles in huize Adams,” zei hij.

“Je doet alsof ik degene ben die altijd ruzie maakt.” Ruby’s humeur werd er niet beter van. “Het zou fijn zijn als mijn vader af en toe eens zou willen luisteren, of mét me te praten in plaats van tégen me.”

“Heb je wel eens geprobeerd hem dit zelf te vertellen?”

Ze keek hem strijdlustig aan. “Wat heb jij vandaag? Zoek je oorlog? Je hoeft het maar te zeggen, hoor.”

Kian pakte Ruby’s hand en vouwde zijn vingers tussen die van haar. “Hey, ik ben het. Rustig maar.”

Ze haalde diep adem en liet de opgebouwde spanning ontsnappen. Haar hand liet de zijne los, voelde in de zak van zijn jas en haalde een pakje sigaretten en een doosje lucifers tevoorschijn. “Mag ik?”

"We delen er eentje. Ik zit nogal krap bij kas."

"Je bent blut bedoel je."

Kian pakte een sigaret, stak hem tussen zijn lippen en ontstak een lucifer in de kom van zijn handen. Nadat hij zelf inhaleerde gaf hij de sigaret door aan Ruby, die op haar beurt een flinke trek nam.

“Ik meen het,” zei ze, de rook langzaam uitblazend. “Ik vertel hem heus wel wat me allemaal bezig houdt maar hij zit met zijn neus in een boek of corrigeert het schoolwerk van zijn leerlingen. Ik wed dat hij over hen meer weet dan over mij.”

Kian moest haar helaas gelijk geven. Sinds Claire was overleden was de relatie tussen vader en dochter verslechterd. Jim was lange tijd blijven steken in zijn rouwproces en intussen verwierf Ruby steeds meer vrijheden. Ze maakte misbruik van het feit dat Jim zich afhankelijk van haar opstelde. Hij was haar geleidelijk als een gelijke gaan behandelen behalve als ze iets wilde wat hij niet toestond. Dan vond hij een tegenstander tegenover zich die zich niet makkelijk gewonnen gaf en hem soms geraffineerd manipuleerde. Na een lange en moeizame machtsstrijd tussen vader en dochter trok Ruby meestal toch aan het langste eind.

Haar toetreden tot Everest was daar een goed voorbeeld van. Jim moest toegeven dat zijn dochter fantastisch kon zingen en dansen, en daarnaast niet onverdienstelijk piano en gitaar speelde. Maar hij weigerde aanvankelijk zijn Ruby aan het gezelschap van vier amper volwassen mannen toe te vertrouwen die het niet zo nauw namen met normen en waarden. Nog veel minder gecharmeerd was hij van het idee dat ze in louche pubs en donkere zaaltjes optrad terwijl de aanwezige zatlappen zich aan haar vergaapten. Hij wilde zoveel mogelijk voorkomen dat ze in aanraking kwam met seks, drugs en alcohol. De belofte van Kian dat hij als een leeuw over haar zou waken maakte zijn zorgen niet minder. De buurjongen was immers zelf een losbol die vrouwen, joints en bier tot zijn levensstijl had gemaakt. Hij was niet juiste persoon om zijn dochter te behoeden voor de negatieve invloeden van de grote boze wereld.

Maar muziek was Ruby's passie en daarmee had ze een ijzersterk argument in handen dat ze met gemak tegen haar vader uitspeelde. Ze vond dat ze recht had op ontspanning omdat ze al zoveel had moeten inleveren. Ze wist Jim's zwakke plek feilloos te vinden. Opgroeien in Bethnal Green was doorgaans geen feestje en daarom meende ze recht te hebben op enige vorm van plezier buiten de vier muren van hun rijtjeswoning, waar ze vanwege haar broertje een groot deel van de dag doorbracht. En Kian een losbol? Ruby had hem uitgelachen. Welnee, Kian was een soort grote broer die haar nooit een haar zou krenken of zou toelaten dat een ander daarvoor de kans kreeg.

Jim werd geplaagd door schuldgevoel en zwichtte uiteindelijk voor de argumenten van zijn oogappel. Dat Ruby al lang geleden haar eerste sigaret rookte en haar eerste biertje dronk wist hij op dat moment niet. Dat ze amper verschilde van andere tieners in East End ontging hem. De grote boze wereld begon namelijk niet in de plaatselijke kroegen maar meteen aan de andere kant van de voordeur. Op elke hoek van de straat was criminaliteit en prostitutie dagelijkse praktijk.

“Wil je dat ik met je vader praat?” bood Kian aan.

Een overbodige vraag want hij kende het antwoord al.

“Over die school? Nee, hij geeft zijn absurde plan vroeg of laat vanzelf op.”

“Zoals altijd.” Kian lachte. Hij kneep Ruby even plagend in haar nek. “Je bent een klein verwend nest. Je krijgt immers altijd je zin.”

Ruby glimlachte met een jongensachtige ondeugd op haar gezicht.

"Chris, niet doen!” riep ze vervolgens in de richting van de zandbak. “Niet met zand gooien. Je doet de andere kindjes pijn.” Ze stond op om haar woorden kracht bij te zetten. “Kappen nu,” zei ze streng terwijl ze haar broertje aan zijn arm bij de andere peuters vandaan haalde. “Ga maar even op de glijbaan.”

“Ik wil niet glijden,” protesteerde de peuter luidkeels. “Ik wil voetballen.”

“Met welke bal? We gaan zo meteen naar de eendjes.”

“Nee. Eendjes zijn stom.” Hij rende op zijn korte beentjes naar een klimrekje en begon te klauteren. "Ik vertel papa dat je rookt."

"Klein monster," gromde Ruby binnensmonds.

"Je bent dol op hem," glimlachte Kian.

"Ja, als hij slaapt." Maar haar vertederde blik in de richting van haar broertje bevestigde zijn woorden. "Chris, als je heel lief bent ga ik straks met je voetballen. Goed?"

"Gaan we nu?"

"Strakjes zei ik.”

Ruby trapte de peuk uit in de modder en wendde zich weer tot Kian. "Jouw beurt. Wat is er loos?"

Hij antwoordde niet meteen. Hij vermeed haar aan te kijken en friemelde nerveus aan een loshangend draadje van zijn jack. Zijn plotselinge verlegenheid verbaasde haar. Het was niets voor hem om ergens terughoudend over te zijn. Er waren tussen hen geen onderwerpen die onbespreekbaar waren.

“Kom op, voor de dag ermee,” drong ze aan.

“Herinner je je die pub in Camden, the Old Welshman?”

Ruby kreeg een visioen van een aftandse kroeg waar ze een paar maanden geleden een keertje hadden gespeeld. Het werd druk bezocht door luidruchtige voetbalfans, rook als een varkensstal en het damestoilet was zo ranzig dat je het nog liever in je broek deed.

“Ja, hoezo?”

“De zaak heeft een nieuwe eigenaar, George. Zijn achternaam ben ik kwijt. In ieder geval heeft deze George de hele tent verbouwd en opgeknapt. Hij wil in het weekend live muziek in de zaak, waarvan op vrijdag een veelzijdige amateurband die elke week terugkomt.”

“En dat lijkt je wel wat voor Everest?”

“Ja, Ravish heeft al contact gelegd.”

“Dat is prachtig, maar niet de reden waarom je me zocht. Wat is er echt aan de hand?”

Kian zweeg in alle talen. Zijn blik volgde de stuntelige capriolen van Chris op het klimrek. Hij werd nu nog zenuwachtiger. Hij beet op de binnenkant van zijn wang en veegde een paar keer zijn verwaaide haren uit zijn gezicht.

“Maureen heeft me laten zitten.”

“O?” was Ruby’s reactie. “En nu is je hart gebroken?”  

Ze schonk hem een spottend lachje. Zo uniek was het niet dat hij een blauwtje liep. Als hij nou eens wat respectvoller met zijn vriendinnen zou omgaan...

“Doe niet zo hatelijk,” snauwde Kian. “Ze had beloofd mee te gaan naar het bal maar nu laat ze me zitten. Hare majesteit voelt zich te goed voor me.”

Het eindejaarsbal. Tja, nu werd zijn probleem langzaam duidelijk. Kian werkte momenteel als automonteur in een Bentley garage. Hoe het hem was gelukt om dat baantje te krijgen was een mysterie. Maar goed, de luxe autofabrikant organiseerde jaarlijks een super-de-luxe eindejaarsfeest waar het voltallige personeel, belangrijke zakenrelaties en hun poeprijke clientèle voor werden uitgenodigd. Nu wilde het toeval dat dit jaar tevens het zoveelste lustrum werd gevierd en daarom werd nu nog uitbundiger uitgepakt dan anders. Het prestigieuze Savoy hotel was ervoor afgehuurd. Kian had de uitnodiging meteen geaccepteerd en van de daken geschreeuwd dat hij met het mooiste meisje van Londen en omstreken zou verschijnen. Al weken was de geheimzinnige dame die hem zou vergezellen het voornaamste onderwerp van gesprek op de werkvloer. Zijn collega’s kenden zijn reputatie als rokkenjager en verwachtten dat hij met een bloedmooie meid op de proppen zou komen die niet onderdeed voor een fotomodel. Geen moment had Kian voor mogelijk gehouden dat hij uitgerekend nu zonder vriendin zou zitten. Hij moest daarom hoe dan ook een meisje versieren. Wie dan ook, ook al zou ze niet aan de hooggespannen verwachtingen van zijn maten voldoen. Zonder een tafeldame verschijnen zou zijn gezichtsverlies nog veel groter zijn.

“Dus je hebt met spoed een nieuwe date nodig,” vatte Ruby de situatie samen. “Binnen een week?”

“Ja,” zuchtte Kian. De vraag die hij moest stellen bleef steken in zijn keel.

“En als je Maureen nou eens lief aankijkt en je excuses aanbiedt?”

“Heb ik al gedaan. Ze is meedogenloos.”

Een vrouw met karakter. Heimelijk verbeet Ruby een binnenpretje.

“Mag ik vragen waarom?”

“Nee, dat mag je niet.”

“Omdat ze niet uit de kleren wilt?”

“Daar zijn vrouwen toch voor?” bromde Kian verongelijkt. “Ik heb altijd condooms bij me, dus ze hoeven nergens bang voor te zijn. En ik ook niet.”

Hij knipoogde veelbetekenend.

“Kian, je bent een gore klootzak wat vrouwen betreft. Ik snap jou niet. Eén weekje maar. Over precies zeven dagen heb je een mooie meid nodig die meegaat naar het bal. Voor één keer kun je je lul toch wel even in bedwang houden?”

“Wat weet jij er nou van? Een week zonder seks is als een week mijn adem inhouden. Dat overleef ik niet.”

Ruby zette zich met haar voeten af. De schommel zette zich in beweging.

“Mannen!” zuchtte ze melodramatisch. “Ik denk dat ik maar lesbisch word.”

Kian greep het touw van haar schommel zodat deze weer stil kwam te hangen. “Dan heb je een probleem,” fluisterde hij grijnzend in haar oor. “Je valt niet op vrouwen.”

“Dat weet je niet.”

“Jawel, dat weet ik wel. Je gaat liever met kerels om dan met meiden. Als jij een pot bent, ben ik het ook.”

Ze lachten allebei hartelijk om die idiote vergelijking.

“Heb je je oude vlammen geprobeerd?” vroeg Ruby.

“Die hebben een nieuwe lover, geen tijd, geen geld, geen zin of geen interesse.”

Zo te horen had hij heel wat exen gesproken.

“Logisch. Zoals jij ze behandelt verdien je niet beter. Heb je echt geen alternatief?”

“Hooguit Eirin of… Of... jij.”

Dat laatste kwam er nauwelijks hoorbaar uit. Alweer ontweek hij haar blik.

“Wil je alsjeblieft met me meegaan naar het bal…? Ik… Ik bedoel… Ik kan Eirin toch moeilijk vragen, wel?”

Kian en zijn zusje bevochten elkaar al vanaf hun vroegste jeugd. Elk plan waarin Eirin het macho imago van haar broer zou moeten redden was bij voorbaat gedoemd tot mislukken.

“Je vraagt mij?” vroeg Ruby verbaasd.

Ze kon haar oren niet geloven. Als hij het meende moest hij wel erg wanhopig zijn.

“Jou ja. Is dat zo raar?”

“Ja, natuurlijk is dat raar. Het is ronduit belachelijk.”

Ruby proestte het uit. Haar lach schaterde over het speelveldje. Zelfs de kleine kinderen onderbraken hun spel om zich af te vragen wat er zo geestig was.

“Ik? Naar zo’n bekakt bal?” hikte ze. “Je bent niet goed wijs of stekeblind… Kian, kijk naar me! Als het een gekostumeerd bal was geweest had ik als zwerfster mee gekund. Ik hoef me er niet eens voor om te kleden.”

Ruby lachte alweer. Kian bleef echter ernstig. Dat was precies wat hij zelf ook dacht.

“Mijn moeder zei... Ze wil je wel helpen met kleding en zo...”

Verder kwam hij niet. Ruby’s lach bevroor op haar gezicht. De trekken om haar mond verhardden.

“Ho! Wacht even… Je moeder?”

Het liefst was Kian ter plekke door de grond gezakt. Het was niet bepaald fijnzinnig om te laten doorschemeren dat dit niet zijn eigen idee was. Zijn buurmeisje voelde feilloos aan dat hij haar niet eens in overweging had willen nemen. Dit had hij anders moeten aanpakken. Wat was hij toch een stomme boerenlul.

“Dus ik ben alleen maar goed omdat je toevallig geen ander liefje voorhanden hebt. Ja toch?”

“Sorry.” Kian richtte zijn blik naar de grond en beet hard op zijn onderlip.

“Ik ben niet eens tweede keus, hè? Ik ben je allerlaatste keus, waar of niet?”

Hij bleef haar het antwoord schuldig. Dit was pijnlijk. Te pijnlijk. Ontkennen had geen zin. Ze had gelijk. Volkomen gelijk. Elk woord zou het alleen maar erger maken. Hij kon haar onmogelijk vertellen hoe hij het voorstel van zijn moeder had weggehoond. Ruby was geen optie. Dat was ze nooit geweest en dat zou ze ook nooit worden, hoe graag hij haar ook mocht.

“Ruby is nog maar een kind,” had hij tegengeworpen.

“Dat kind was eerder volwassen dan jij ooit zult worden,” volhardde Susan. “Ze is bovendien slim, sociaal, kan met iedereen opschieten en ze laat je niet in de steek.”

“Ze heeft niets om aan te trekken en ook geen geld om wat behoorlijks te kopen. Ze heeft amper genoeg te eten.”

“Daar verzin ik wel een oplossing voor. Het enige wat jij moet doen is haar overhalen om mee te gaan.”

“Moeder, Ruby is... niet vrouwelijk, niet eens een beetje. Ze is zo... zo kleurloos en onopvallend. Ik heb mijn collega's wijsgemaakt dat...”

“Schaam je diep, Kian O’Donoghue. Als je verder keek dan je neus lang is zou je ontdekken dat Ruby niet onderdoet voor die… die bimbo’s waar jij mee aanpapt. Ze heeft meer klasse in het topje van haar pink dan jouw sletjes in hun hele lijf.”

“Klasse? Hebben we het over dezelfde Ruby? Ze ziet er niet ouder uit dan dertien. Wat moeten ze bij Bentley van me denken?”

De discussie had een hele avond geduurd. Kian weigerde te geloven wat zijn moeder hem trachtte duidelijk te maken. Ruby was een schat, soms een doortrapt heksje, en hij was op zijn manier absoluut op haar gesteld, maar ze was nog een kind. Met haar innerlijk zou ze iedereen moeiteloos voor zich winnen, maar aan de buitenkant was ze helaas een saai grijs muisje. Nee, er was een wonder voor nodig om haar te veranderen in een enigszins acceptabel uitziend meisje. Of een flinke zak geld. Maar als er niet spontaan een engel uit de lucht kwam vallen had hij geen andere keus. Ze was zijn laatste strohalm.

"Wat doe je als je morgen een ander mokkel tegen het lijf loopt?" vroeg Ruby.

Kian zei niets meer. Ze wist precies wat hij zou doen en daarom kon hij beter zijn mond houden. Maar hij voelde zich een enorme schoft.

“Zeg maar tegen je moeder dat ik bedank voor de eer,” was haar ijzige reactie. “Kom Chris, we gaan naar huis… Chris!”

"Ja!" riep het jochie enthousiast. "Voetballen!"

Kian bleef roerloos op de schommel zitten en keek haar na. Ondanks alles had hij een diep respect voor de manier waarop ze deze vernedering incasseerde. Ze zou nooit laten merken hoe diep hij haar had gekrenkt. Met rechte schouders en opgeheven hoofd liep ze bij hem vandaan, op haar afgetrapte schoenen en in dezelfde onooglijke vaalbruine winterjas die ze nu al drie seizoenen droeg. Haar haren hadden ook al jaren geen kapper meer gezien. Het was pluizig, dof en piekerig. Sinds Claire er niet meer was, was Ruby’s bestaan nog armoediger geworden. Omdat Chris razendsnel uit zijn kleren en schoenen groeide bleef er voor haar geen rooie cent over voor iets nieuws, ook niet tweedehands. Daarom droeg ze de afdankertjes van haar uit de kluiten gewassen nichtjes hoewel die haar minstens twee maten te groot waren. De opmerking dat ze gemakkelijk voor zwerfster door kon gaan was helaas al te waar. Met een gezonde portie zelfspot lachte ze erom. Ze schaamde zich niet voor haar armoede maar Kian wist dat ze diep in haar hart dolgraag passende kleding zou dragen. Ze verlangde geen luxe. Een goedkope jeansbroek in haar eigen maat zou haar al heel blij maken en juist daarom verwenste Kian zichzelf. De enige kans om dit bestaan een avondje te overstijgen had hij haar net ontnomen. Bovendien was zijn probleem nog steeds niet opgelost. Een date... Hij had nog steeds geen date.

De volgende dag ging Kian diep... heel diep door het stof. Na duizend excuses beloofde hij Ruby gouden bergen als ze in ieder geval even met Susan ging praten.

“Doe het niet voor hem,” pleitte Kian's moeder. “Doe het voor jezelf. Ik ben het met je eens dat Kian het verdient om hard op zijn bek te gaan. Maar hoe vaak krijg je het chique Savoy vanbinnen te zien? Hoe vaak word je gratis en voor niets een dinerdansant geboden met alles erop en eraan? Hoe vaak krijg je de kans om je even tussen de high society te begeven en hun wereldje van dichtbij te bekijken?”

Susan nam Ruby mee naar de rommelzolder waar nog drie avondjurken hingen uit de tijd dat ze als soliste in een orkest optrad. Een andere buurvrouw uit de straat, die heel handig was met naald en draad, was bereid één van de jurken gratis te vermaken.

“Kom op, Cinderella,” zei Susan. “Ik heb geen toverstokje, geen koets met paarden of glazen muiltjes voor je. Maar je kunt één avond uit de huid van Assepoester kruipen en iedereen laten zien dat je op alle gebieden de moeite waard bent. Bewijs Kian zijn ongelijk. Wie weet levert het bal je een prins op.”

De moeite waard, dacht Ruby. Zij? Geen jongen keek ooit naar haar. Tenminste niet op de manier zoals mannen naar een leuke vrouw keken. Niemand had ooit een versiertruc op haar losgelaten maar ze moest toegeven dat ze daar ook niet gevoelig voor was. Wat moest ze met een vriendje? Bij de gedachte dat iemand zijn tong in haar mond zou willen proppen kreeg ze al braakneigingen. Jakkes!

Haar vingertoppen beroerden een prachtige azuurblauwe, maar hopeloos ouderwetse avondjurk. Was daar werkelijk nog iets toonbaars van te maken?

“Denk je echt dat…?”

“Vertrouw me,” glimlachte Susan bemoedigend. “Kian heeft beloofd de kapper te betalen, je mag mijn make-up gebruiken en er is vast nog wel iemand die een paar geschikte schoenen en nylon kousen te leen heeft.”

“Nylons?” giechelde Ruby. “Make-up? Dat is toch niks voor mij?”

“Moet jij eens opletten.”

Ruby zwichtte. Niet omdat ze zich zo nodig tussen de rijkaards wilde begeven, niet uit nieuwsgierigheid, niet omdat het een eenmalige kans was en al helemaal niet om Kian een plezier te doen. Als ze eraan dacht hoe hij haar had beledigd werd ze weer nijdig. Maar Susan had de magische woorden gesproken ‘bewijs Kian zijn ongelijk.’ Die arrogante vrouwenversierder verdiende een lesje. Overigens wilde ze niet alleen hem bewijzen dat hij ongelijk had, maar ook haar vader en alle anderen die nog steeds niet wilden beseffen dat ze geen klein kind meer was. Al was het maar één avond, ze wilde er wel eens totaal anders uitzien. Een knipbeurt door een echte kapper was iets waar ze al jaren van droomde. Het hoefde echt geen missverkiezing te worden maar ze had, behalve haar schooluniform, al jaren geen rok of jurk meer gedragen. Als ze het nu niet deed kwam het er misschien nooit meer van.

Die avond kleedde ze zich helemaal uit en bekeek zichzelf kritisch in de spiegel. Haar hele leven hoorde ze al dat ze jongensachtig was. Tot enkele jaren geleden was dat ook zo. Ze had niet staan juichen toen haar lichaam geleidelijk allerlei veranderingen onderging. Duizendmaal verzuchtte ze dat ze veel liever een jongen was geweest. Met haar onooglijke kleding voelde ze zich veilig. Daarmee kon ze haar groeiende borsten en heupen camoufleren. Haar omgeving wist niet beter. Zijzelf ook niet. De puberteit had echter niet alleen haar hoekige lijfje veranderd maar ook haar belevingswereld. Innerlijk had ze langzaam maar zeker haar vrouw-zijn en alle bijbehorende ongemakken geaccepteerd. Nu stond ze op het punt uit haar veilige cocon te kruipen. Doodeng vond ze het maar het was te laat om terug te komen op haar besluit. Ze had Kian haar woord gegeven en alsnog terugkrabbelen kon ze hem niet aandoen. Daarvoor was zijn vriendschap te dierbaar.

Haar handen gleden langs haar blote borsten, over haar heupen en billen. Ze was onzeker over haar lichaam. Was haar figuur acceptabel? Was dit wat mannen mooi vonden? Wat vonden mannen eigenlijk mooi? Borsten, billen en benen als ze de jongens van Everest mocht geloven. Voldeed ze aan die eisen? Waren haar borsten en billen niet te dik, of mocht het juist een maatje meer zijn? Was alles in goede proporties? Was ze niet te klein of te mager?

Was haar moeder er nog maar. Ze kon dit toch niet met haar vader bespreken? Kian zou het haar wel vertellen maar ze wilde hem niet laten blijken dat ze met dergelijke vragen worstelde.

Voor East End begrippen was Ruby een laatbloeier. Aan handen en voeten gebonden door de zorg voor haar broertje had ze geen noemenswaardig sociaal leven. Ze had nog nooit een vriendje gehad terwijl haar vrouwelijke leeftijdgenootjes soms al op hun twaalfde de eerste stappen op het liefdespad zetten. Vorige week had ze een voormalig klasgenootje met een zwangere buik zien lopen. Seks... Daar wilde ze niet eens over nadenken. Getver! Was ze in de ogen van haar omgeving een buitenaards wezen omdat ze nog nooit een jongen had gekust?

De laatste tijd bekeek ze het andere geslacht echter met toenemende nieuwsgierigheid. Verliefd zijn, hoe voelde dat? Vlinders in haar buik? Liefde, bestond dat echt? Waaraan herkende ze dat? Het kon toch niet zo zijn dat alleen maar om seks draaide, zoals Kian en zijn kameraden voortdurend verkondigden?

De jonge vrouw die Ruby een week later vanuit de spiegel aanstaarde met evenveel verbazing en verwarring als zijzelf, was bijna onherkenbaar. Maar het waren haar eigen ogen die met behulp van een beetje mascara en eyeliner opeens groter en groener leken. Haar lippen hadden een frambooskleurig laagje gekregen. Een flink stuk van haar blonde haren was bij de kapper achtergebleven. Het stugge strohaar was omgetoverd in een kapsel van soepel vallende lokken dat speels was opgestoken, waardoor haar slanke halslijn werd geaccentueerd. Susan's succesvol gerenoveerde jurk omsloot haar figuurtje als een handschoen. Het decolleté toonde net genoeg van de aanzet van haar borsten om sexy te zijn zonder ordinair te worden. Als ze liep liet een bescheiden split een glimp van haar benen zien. Het blinkend opgepoetste medaillon was het enige sierraad dat ze droeg. Haar schoonheid had geen verdere opsmuk nodig volgens Kian's moeder.

“Dit ben ik niet,” fluisterde Ruby.

De zenuwen gierden door haar lijf. Zonder haar slobbertruien en dito broeken voelde ze zich naakt. Haar knieën knikten. Bloednerveus was ze.

“Je bent beeldschoon, kindje,” stelde Susan haar gerust terwijl ze Ruby’s nagels nog even van een laklaagje voorzag. “Je moeder zou nooit goed hebben gevonden dat je jezelf jarenlang onzichtbaar maakte. De mannen zullen aan je voeten liggen vanavond.”

Mannen? Ze durfde in deze outfit helemaal niemand onder ogen te komen. De moed zonk in haar tweedehands pumps. Waar was ze in hemelsnaam aan begonnen? Wat zouden de mensen denken? En Kian?

Jezus! Ik wil niet meer, dacht ze, ik durf niet.

Ruby’s hart roffelde als een bezetene toen ze voorzichtig de trap af kwam. Normaal denderde ze als een berggeit naar beneden. Nu dwongen haar halfhoge hakken en smalle jurk haar om elegante passen te nemen. In de gang hoorde ze Kian met haar vader praten. Chris rende heen en weer met een speelgoedautootje. Het gesprek verstomde spontaan toen de mannen haar aanwezigheid opmerkten. Ze durfde niet naar hen te kijken maar richtte haar blik star op de grond onder haar voeten.

 “Allemachtig,” hoorde ze haar vader zeggen.

“Kian, je mond staat open,” stelde Susan nuchter vast.

Ruby voelde alle ogen als naalden in haar huid prikken. Het klamme zweet stond in haar handen terwijl Kian haar van top tot teen opnam. Het liefst zou ze nu meteen rechtsomkeer maken, een pyjama aantrekken en de rest van de avond met een boek op de bank doorbrengen. Vanuit haar ooghoeken zag ze hem op zich afkomen. Met zijn wijsvinger onder haar kin tilde hij haar hoofd omhoog zodat ze hem nu wel moest aankijken. De vreemde blik in zijn blauwe ogen deed het bloed naar haar wangen stijgen.

“Zeg niet dat je verlegen bent,” zei hij op plagerige toon. “Dat zou de eerste keer zijn sinds we elkaar kennen.”

Soms kon hij zo'n onuitstaanbare pestkop zijn.

 “Je bent adembenemend.”  Het klonk gemeend. “Je bent het best bewaarde geheim van heel Bethnal Green. En ik maar denken dat ik alles al van je wist.”

Ondanks Kian's pogingen om het ijs te breken bleef Ruby’s tong verlamd. Ze was niet gewend complimenten te krijgen, met name niet over haar uiterlijk. Schuchter blozend sloeg ze hem vluchtig gade in zijn gehuurde smoking die hem fantastisch stond. Ongetwijfeld zou hij vanavond menig vrouwenhart breken. Langzaam begon ze te snappen wat al die meiden in hem zagen.

Buiten klonk de claxon van een auto. Susan hielp Ruby in een oud nepbontje. Het was uiteraard veel te groot en verdiende geen schoonheidsprijs maar het diende slechts ter bescherming tegen de winterkou. Ze zou het in het hotel meteen uit doen.

Met een plechtig gebaar bood Kian haar zijn arm. “Zullen we?”

Ravish, de enige uit het clubje vrienden met een normaal functionerende auto, had aangeboden vanavond voor taxichauffeur te spelen. Hij knipperde met zijn ogen toen Ruby op de achterbank plaatsnam.

“Goh Ruby, ik zoek ook nog een date. Heb je zin...?"

“In je dromen,” reageerde ze onbedoeld kribbig.

Ze kon er niks aan doen. De arme jongen had haar niks misdaan maar al die aandacht om haar persoontje ergerde haar opeens mateloos. Alsof ze één of andere bezienswaardigheid was. Dit was geen goed idee. Ze had hier nooit aan moeten beginnen.

Tot overmaat van ramp kwam Kian naast haar zitten. Wat had dit te betekenen? Kon hij niet normaal doen? Gewoonlijk zat ze in haar eentje achterin als ze met Everest ergens moesten spelen. Maar ja, dan lag de hele auto volgestouwd met instrumenten en apparatuur en bleef er voor haar maar een klein plekje over.

Toen Kian haar hand wilde pakken sloeg ze haar armen demonstratief over elkaar en wendde haar gezicht van hem af.  Ze kende dat subtiele toontje in zijn stem, dat innemende lachje, die twinkeling in zijn veel te blauwe ogen. Die trucjes paste hij toe op de vrouwen die hij wilde versieren. Ze had het hem vaak genoeg zien doen. Nou, vergeet het maar. Dat ging bij haar niet lukken.

“Relax, meisje. Je hebt geen enkele reden om nerveus te zijn. Blijf gewoon jezelf. Niemand doet je wat.”

“Kijk dan niet zo naar me.”

Wat mankeerde haar toch? Waarom koos ze steeds de verkeerde woorden en de verkeerde toon? Waarom voelde ze zich vandaag zo vreemd en onhandig in zijn aanwezigheid? 

“Het moet voor jou toch geen verrassing zijn dat ik graag naar een mooie dame kijk? Ik kan mijn ogen niet van je afhouden.”

Dame? Bedoelde hij haar? Gisteren had hij haar nog als een klein kind behandeld, vandaag als een lustobject. Ze wist niet waar haar voorkeur naar uitging.

“Luister mister macho, ik ga alleen met je mee omdat ik je uit de brand wil helpen. Maar haal verder niks in je hoofd, oké?”

Hou je mond, zei ze berispend tegen zichzelf. Je maakt jezelf volkomen belachelijk.

Maar in tegenstelling wat ze van hem verwachtte lachte Kian haar niet uit. Hij glimlachte niet eens, maakte geen cynisch grapje. Kon hij niet normaal reageren zoals hij onder andere omstandigheden zou hebben gedaan? Dat hij haar onzekerheid en nervositeit van haar gezicht las vond ze nog het allerergste.

“Wat jij wil, meisje,” zei hij kalm. “Wat jij wil.”

Ruby haalde opgelucht adem toen ze het Savoy hotel eindelijk bereikten. De frisse avondlucht deed haar goed. Haar aandacht werd onmiddellijk opgeëist door alle pracht en praal. Ze voelde zich net een filmster in een sprookjesfilm. Ze liep niet, ze schreed naar de dubbele deur die door twee portiers voor hen werd geopend. Iemand nam haar bontje aan.

Binnen keek Ruby ademloos om zich heen naar de marmeren vloeren en pilaren, de houten lambrisering, de meubels waarvan ze de stijl niet kon benoemen, de fonkelende kroonluchters en de olieverfschilderijen aan de muren. Er stond een enorme kerstboom met rode en goudkleurige versieringen en overal kaarsen op tafeltjes. Ook de feestzaal was geheel in kerstsfeer. De mannelijke helft van de gasten was in smoking, de vrouwen droegen lange zijden japonnen en glinsterende sierraden. Ze hoorde iemand Frans spreken en verderop stonden twee Arabisch uitziende mannen in traditionele gewaden. In een man met een grote grijze snor herkende ze een parlementslid. Dit was een wereld die ze niet kende, zo totaal tegengesteld aan haar eigen leven. En nu liep zij hier zomaar, een straatarm meisje uit East End. Zou iemand haar armzalige achtergrond van haar gezicht kunnen lezen? Wisten ze dat haar schoenen waren opgelapt en dat haar jurk al twintig jaar oud was? Vanuit de feestzaal hoorde ze een big band 'In the Mood' van Glenn Miller spelen. Het ritme bracht haar benen onmiddellijk in beweging. Dansen wilde ze. Alleen maar dansen, de hele avond en nacht lang. Tot het licht werd.

Maar zover was het nog niet. Zwijgend volgde ze Kian naar het gedeelte van de zaal waar zijn collega’s met hun vrouwen en vriendinnen wachtten. Niemand keek verbaasd of misprijzend. Integendeel, ze oogstte juist bewonderende blikken. Haar vrees dat ze uit de toon zou vallen bleek onterecht. Voordat ze het wist was ze in een geanimeerd gesprek gewikkeld en viel de spanning van haar af. Van Kian's aanwezigheid was ze zich nauwelijks meer bewust.

Wat Kian ook van deze avond had verwacht, niet dit. Stilletjes had hij gehoopt dat Ruby er toonbaar uit zou zien maar haar metamorfose had zijn stoutste dromen overtroffen. Wie had kunnen vermoeden dat achter dit lelijke eendje een mooie zwaan schuilging? Tot zijn stomme verbazing bleek Ruby een figuurtje te hebben waar menig fotomodel jaloers op mocht zijn. Een snoetje waar je als man spontaan verliefd op zou kunnen worden. En ze had borsten! Die waren hem nog nooit opgevallen, en haar ronde billen en vrouwelijke heupen evenmin. Hoe had ze haar schoonheid zo lang verborgen weten te houden? Wanneer was het kleine brutaaltje opgegroeid? Hij zag haar bijna dagelijks maar nu realiseerde hij zich voor het eerst dat ze geen geen grijs muisje was, maar een verdomd aantrekkelijke jonge vrouw.

Zijn moeder had gelijk. Ruby was een mooie meid al scheen ze zich dat zelf niet bewust te zijn. Met uitingen van bewondering moest ze nog leren omgaan want hij zag bij elk compliment een vertederend blosje op haar wangen verschijnen. Haar onervarenheid op dat gebied was aandoenlijk.

Onhandig probeerde hij zich te beheersen. Flirten was een automatische reactie geworden in gezelschap van leuke meiden. Maar Ruby was niet zomaar een meisje. Ze betekende meer voor hem dan een goedkope flirt. Bovendien kon hij het zich niet veroorloven haar gevoelens nog een keer te kwetsen. Hij mocht dankbaar zijn dat ze überhaupt bereid was geweest met hem mee te gaan.

Toen het feest volop gaande was trok Ruby nog steeds veel bekijks, zowel van de jonge als de oudere generaties. In ieder geval de mannelijke helft van het gezelschap leek van haar persoontje gecharmeerd te zijn, afgezien van enkele rijke jongedames die haar jaloerse blikken toewierpen. Dit was een nieuwe ervaring voor Kian. Hij kende haar als een kruidje-roer-me-niet die prima met jongens en mannen kon opschieten, maar nooit hun amoureuze interesse had gewekt.  

Tegen zijn gewoonte in was Kian opvallend stil en in zichzelf gekeerd. Hij gaf alleen antwoord als hem iets werd gevraagd maar verder lette hij met argusogen op Ruby. Sinds ze het hotel hadden betreden had ze geen woord meer met hem gewisseld. Hij constateerde dat ze steeds vrolijker en loslippiger werd, niet in de laatste plaats als gevolg van de champagne die rijkelijk vloeide. Na de gebruikelijke speeches van de Bentley directie was haar laatste restje schroom verdwenen en bewoog ze steeds makkelijker in het gezelschap. Moeiteloos babbelde ze even opgewekt met Kians directe collega’s als met de hogere gasten, de rijke stinkerds. Vooral de zoon de hoogste baas, een klein ventje die de naam Sebastian droeg, maakte werk van haar. Of zij van hem? Ze wekte in ieder geval de indruk hem mateloos interessant te vinden.

Ruby was waarschijnlijk niet het mooiste meisje van het bal, dacht Kian, maar ze straalde als de zon boven de Ierse zee. Haar groene ogen schitterden als sterren. Haar spankelende lach weerkaatste als klassieke muziek tegen de gesloten ramen van de zaal. Haar hele wezen bruiste als de champagne in haar glas. En hoe beter zij zich scheen te amuseren, hoe chagrijniger hij werd.

Terwijl de dansvloer in gereedheid werd gebracht, stond hij tegen een pilaar geleund met een brandende sigaret in de ene en een dubbele whisky in de andere hand. Enkele lieftallige dames hadden hem aangesproken maar hij had hen weinig subtiel afgewimpeld. Hij had een paar woorden gewisseld met zijn collega’s maar ze leken maar één vraag op hun lippen te hebben: wie zijn goedlachse date was.

“Ik dacht dat je mateloos overdreef, Kian,” zei zijn baas. “Maar je hebt echt een lekker ding bij je. Waar heb je haar opgedoken?”

“Ze is mijn buurmeisje,” antwoordde Kian kortaf.

Zijn baas floot tussen zijn tanden. “Ik dacht dat in Bethnal Green alleen maar sletten woonden.”

Kian telde in stilte tot tien. Hij moest zich beheersen omdat hij met zijn baas te maken had maar het liefst had hij de kwijl van zijn kin geslagen. Zijn humeur zakte tot een dieptepunt toen hij zich afvroeg wat hem tegenhield om het beste uit deze avond te halen, een ander meisje ten dans te vragen en gewoon lol te maken zoals hij anders ook deed? Waarom was hij zo gefocust op Ruby? Waarom kon hij niet verdragen dat ze hem links liet liggen? Waarom kreeg hij plotseling de neiging om haar knappe danspartner, met wie ze momenteel over de dansvloer zwierde, een ongenadig pak rammel te verkopen? Het was hem een raadsel waarom ze vanavond zoveel indruk op hem maakte. Dat kon toch niet enkel aan haar metamorfose liggen?

Bij de bar haalde Kian nog een whisky en een nieuw pakje sigaretten en ontvluchtte het feest. De krioelende mensen en de chique bedoening in het hotel maakten dat hij het benauwd kreeg. Buiten vond hij afkoeling. Het was een heldere en koude nacht. De maan stond in zijn eerste kwartier en ontelbare sterren sierden de hemel. Hij had echter geen oog voor de nachtelijke schoonheid. Peinzend stond hij onder een richel, stak een volgende sigaret op en probeerde zijn gedachten te ordenen.

Was ze werkelijk al zestien? Hij had een aantal vriendinnetjes gehad die zelfs nog jonger waren. Door de wol geverfde meiden die hij niet met Ruby kon vergelijken. Maar er zou ook voor haar een moment komen dat ze een vriendje vond. Misschien werd ze binnenkort wel verliefd op een knappe gozer. Vreemde lippen zouden haar kussen. Vrijpostige handen zouden haar haren en huid strelen. Iemand zou haar omarmen, haar beminnen, haar welgevormde lichaam tegen zich aan houden… Godverdomme! Het idee dat een willekeurige geile kerel zijn gore lusten op haar zou botvieren werd hem teveel.

Misschien brak iemand haar hart. Het was natuurlijk mogelijk dat ze op een foute man zou vallen, iemand die vrouwen weinig serieus nam. Alleen goed voor een snelle wip. Iemand als hijzelf dus.

Kian probeerde zichzelf tot rust te manen. Hij stak nog een sigaret op en probeerde rationeel na te denken. Het was logisch dat Ruby vroeg of laat haar eigen weg zou gaan, net als hij. Hun wegen zouden zich scheiden. Haar wel en wee zou niet langer zijn zorg zijn. Maar zijn gevoel sprak een andere taal. Hij voelde zich niet in staat afstand van haar te nemen. Hij wilde haar heel egoïstisch voor zichzelf, haar stevig vasthouden en niet uit het oog verliezen. Uiteindelijk wilde hij degene zijn die haar zou kussen en liefhebben. Hij en niemand anders.

Plotseling werd hem iets duidelijk. Dat vreemde gevoel in zijn binnenste, zijn onverklaarbare afgunst jegens andere mannen in Ruby’s nabijheid, zijn ergernis over haar geflirt… Met het kind deelde hij een bijzondere vriendschap, maar tot de vrouw voelde hij zich als man aangetrokken. Ze maakte emoties in hem wakker waarvan hij niet eens wist dat hij ze bezat. Nooit had een ander meisje hem zo diep geraakt. Hij wist opeens ook waarom niet. Had hij zijn vele vriendinnen niet telkens onbewust met haar vergeleken? Hij had een oudere versie van Ruby gezocht, maar niet gevonden. Alleen zijn buurmeisje accepteerde hem zoals hij was, ongeacht zijn ontelbare fouten en zwakheden. Met haar kon hij lachen, maar ook huilen als dat nodig was. Ze hadden geen geheimen voor elkaar. Er was wederzijds vertrouwen en respect. Ze deelden niet altijd dezelfde ideeën, maar droomden wel dezelfde muzikale toekomstdromen. Al waren hun karakters heel verschillend en kibbelden ze over de meest onbenullige dingen, ze waren vanaf de eerste dag goede maatjes geweest en hadden al jaren een hechte band. Ze was zijn allerbeste vriendin, zijn soulmate.

“Ah, eindelijk! Ik heb je overal gezocht.”

Ruby tilde haar jurk iets omhoog zodat ze grotere stappen kon nemen. Opnieuw werd Kian getroffen door haar schoonheid. Hij ving een glimp op van haar welgevormde kuiten en vroeg zich nogmaals af of hij jarenlang blind was geweest. Als alleen de aanblik van haar benen hem al de adem benam, welke uitwerking zou de rest van haar lichaam dan op hem hebben?

“Ga naar binnen,” zei Kian kortaf. “Je vat kou hier.”

“Niet voordat je me hebt uitgelegd waarom je hier bent. Ik wil met je dansen.”

“Ik ben niet in de stemming.”

“Onzin. Je bent altijd in de stemming voor een feestje. De band speelt echt grandioze muziek.”

“Vandaag niet, oké?”

Hij voelde zich opgelaten maar hij kon haar toch niet vertellen welke idiote gevoelens en verlangens hem plaagden? Ze zou hem uitlachen en zeggen dat hij krankjorum was.

Uitdagend kwam ze voor hem staan, plantte haar handen op haar heupen en keek hem hondsbrutaal aan. Hij rook een mengeling van alcohol, parfum en nicotine. Van enige onzekerheid was niets meer te bespeuren. Angstvallig ontweek hij haar blik. Ze zou zijn gedachten eens kunnen raden.

“Smoesjes,” oordeelde ze.

“Amuseer jij je nou maar. Ik voel me niet zo lekker.”

“Geloof je het zelf?”

Ze slikte zijn leugens niet. Natuurlijk niet. Ze kende hem beter dan hij zichzelf kende.

Kian had het niet meer. Ze zou hem niet met rust laten voor ze een aannemelijk antwoord van hem had. Hij kende haar vasthoudendheid maar al te goed. Het was zinloos ertegen te vechten. De emoties verstikten hem bijna.

“Ik kan niet aanzien hoe jij je misdraagt. Het is gewoon weerzinwekkend hoe je met wildvreemde kerels staat te flirten. Je toont geen greintje terughoudendheid. Die Sebastian staat ongegeneerd in je nek te kwijlen en je moedigt hem nog aan ook. Je draait met je kont alsof… Alsof…”

Terwijl hij zijn gal spuwde verscheen langzaam een brede lach op Ruby’s gezicht. Dat maakte hem woest. Dit sloeg nergens op. Hij stond zich hier als een malloot aan te stellen. Om zichzelf een houding te geven trok hij het jasje van zijn smoking uit en sloeg dat ruw om haar schouders.

“Je staat hier te bevriezen.”

Terwijl Ruby hem ononderbroken bleef aankijken nam ze de half opgerookte sigaret uit zijn hand, stak hem tussen haar eigen lippen en zoog haar longen vol. Het brandende puntje lichtte enkele seconden rood op. Vervolgens blies ze de rookwolk midden in zijn gezicht en kneep haar ogen tot spleetjes.

“Je bent jaloers.”

“Wie? Ik…?”

Ze knikte bevestigend.

“Je ziet spoken. Ik ben nog nooit jaloers geweest.”

“Dan is dit de eerste keer.”

Ze liet zich niet om de tuin leiden. Er was geen ontkomen aan. Onbeholpen sloeg Kian zijn ogen neer. Haar conclusie was trefzeker. Ze kon zien hoe kwetsbaar hij nu was. Zelfs zonder kleren kon hij niet naakter zijn dan nu. Zijn hart klopte in zijn keel, in zijn oren, in de topjes van zijn vingers. Tot het uiterste gespannen wachtte hij op haar reactie. Ieder moment kon het zwaard van Damocles op hem neerdalen. Ze kon nu alles met hem doen. Hem uitlachen. Hem vernederen en kleineren. Hem als een onooglijk insect onder haar voet plattrappen.

Maar in plaats van een afwijzing voelde hij een zachte handpalm tegen zijn linkerwang. Met haar duim streelde ze zijn lippen. Haar groene ogen keken hem aan met een blik die hij niet van haar kende.

“Malle vent,” fluisterde ze.

Hoewel elke spier in zijn lichaam tot het uiterste gespannen stond, ontlokte ze hem een nerveus lachje. Mal was zo'n... mal woord.

Kian wist niet meer wie of waar hij was, kende het verschil niet meer tussen links en rechts, hoog of laag, zwart of wit. Zijn hersens waren nog net in staat te registreren hoe Ruby haar armen om zijn nek vouwde. Ze ging op haar tenen staan en hief haar hoofd naar hem op. Bijna raakten de puntjes van hun neuzen elkaar. Haar lippen weken iets uiteen toen ze wachtte tot hij het eeuwenoude ritueel af zou maken.

Aarzelend gaf Kian zich over, drukte zijn lippen op haar mond en sloeg zijn armen behoedzaam om haar middel alsof hij een porseleinen poppetje vasthield. Haar warmte tintelde onder zijn koude vingers.

Als de wereld op dat moment uit elkaar was gespat zou Kian het niet hebben waargenomen. Hij ging helemaal op in deze omhelzing. Nooit was een tongzoen zo teder geweest en had een kus zoveel intense en verwarrende sensaties in hem teweeg gebracht. Hij werd overspoeld door een onbekende emotie, iets dat volledig bezit van hem nam en hem deed jubelen. Maar het was geen alcohol die hem zo dronken maakte. Deze keer niet.

“Meisje, wat doe je met me?”

Ze glimlachte raadselachtig.

“Weet je, Kian, volgens mij zijn we meer dan alleen goede vrienden.”

Hij verslikte zich bijna. Ze zei het alsof het een volkomen logische conclusie was. Alsof ze hem de enig juiste uitkomst van een wiskundige formule meedeelde. Hij durfde zijn oren en ogen niet te geloven. Bedoelde ze...? Of speelde ze een wreed spelletje met zijn gevoelens? Was dit haar wraak voor zijn onvergeeflijke gedrag van vorige week?

Ze kusten elkaar opnieuw, ditmaal hartstochtelijker. Geen twijfel mogelijk, dacht Kian. Hij droomde. En zo meteen zou hij met een harde klap uit zijn bed vallen, zijn voorhoofd aan het nachtkastje bezeren en onverbiddelijk met de ontnuchterende realiteit van de vroege ochtend worden geconfronteerd. Dit kon niet waar zijn. Maar het was waar, al zou hij tijd nodig hebben om aan het idee te wennen dat hij verslingerd was aan zijn kleine vriendinnetje. Wonder boven wonder vond hij dat helemaal niet erg.

Ruby haalde een nagelvijl uit haar geleende handtasje. Dat tasje paste absoluut niet bij haar, vond Kian, maar een heuse nagelvijl...? Kon het nog gekker?

Verbaasd keek hij toe hoe ze in de muur begon te krassen. Bij de derde letter snapte hij haar bedoeling.

"Nee," zei hij toen ze haar eigen initialen onder die van hem wilde zetten. "Jouw naam hoort niet onder die van mij. Geef dat ding eens."

Vervolgens zette hij haar initialen naast de zijne en tekende er een klein hartje onder.

"Kian O'Donaghue en Ruby Adams," glimlachte hij. "KODRA. Dat klinkt als een..."

"Een mooie combinatie," vulde ze aan. "Jij en ik. Ik en jij. Vrienden voor het leven."

"Denk je dat ze dit zo laten staan?" Hij wees op haar graffiti.

"Vast niet," zei ze terwijl ze haar arm in de zijne haakte. "Kom, we gaan nu eindelijk dansen."

© Fanny
*Volg me ook op Twitter*

 

Alle werken van: Fanny

Fijn verhaal 
+2

Plaats reactie

  

Schrijvers willen dolgraag weten hoe hun verhaal wordt ontvangen. Een korte opmerking is vaak al voldoende. Wij nodigen je dan ook van harte uit om een reactie te geven op dit verhaal. Daarvoor hoef je geen lid te zijn.

  

Beveiligingscode
Vernieuwen